Bijdragen aan maatschappelijk debat

UT-wetenschappers leveren op tal van plekken een bijdrage aan het maatschappelijk debat over grote (wereldwijde) opgaven. Een mooi voorbeeld is de rol van Esther Turnhout bij het onderzoek naar de kwaliteit van Nederlandse natuur. De natuur in Nederland gaat hard achteruit. Volgens de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) is de biodiversiteitscrisis even groot als de klimaatcrisis. Turnhout was als extern commissielid betrokken bij de totstandkoming van het advies dat de Rli heeft aangeboden aan de ministers voor Natuur en Stikstof, Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en aan de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer.

Op internationaal niveau waren klimaatwetenschappers Diana Reckien en Maarten van Aalst in het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) actief. Het IPCC concludeerde in 2022 dat de gevolgen al wijdverspreid zijn, dat de risico's sneller toenemen dan we dachten, en dat het dringender dan ooit is om zowel de uitstoot te verminderen als ons aan te passen aan de toenemende risico's. Reckien en Van Aalst hebben een sleutelrol gespeeld bij de ontwikkeling van het rapport en bij de onderhandelingen over de samenvatting voor beleidsmakers. Zij zijn geciteerd in media over de hele wereld, op radio en tv, in kranten als de New York Times en tijdschriften als Nature en The Economist.

EDUbox DDW

Met de bijdrage van onderzoekers en studenten aan grote nationale evenementen bereikt de UT een nog groter publiek. Tijdens de Zwarte Cross stond bijvoorbeeld Bob Hoomans in de universitent met ‘De CO2 blues’ en Ton Spil gaf een college over de vraag of bier en ICT samen gaan (Universitent Zwarte Cross). Tijdens de Dutch Design Week droegen we bij aan de programma onderdelen Embassy of Health, Transitions by Design United en het DRIVE festival. Zo konden bezoekers rondkijken in Alberto Martinetti’s EDUBox. Dit is een op zichzelf staande, off-grid en modulaire leeromgeving die is ontwikkeld om onderwijsfaciliteiten naar vluchtelingen te brengen maar inmiddels een breder doel heeft (Humanitarian Engineering).

In september vond de Techrede 2022 plaats op de Floriade in Almere Aanjagers van Technologie. Met oog voor de korte termijn en het hóe van het versnellen van transities zet een groep studenten van de vier technische universiteiten zich in om maatschappelijke impact te bewerkstelligen. In de Techrede vertellen deze Aanjagers van Technologie over de acties die het afgelopen jaar al zijn ondernomen en wordt de politiek opgeroepen tot concrete acties waarmee ze de dag erna van start kunnen. Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, Vivianne Heijnen, bekeek de Techrede met de studenten in een groene mobiele bioscoop en roemt nut en noodzaak van de betrokkenheid van de ‘stem van de toekomst’ in het debat rond maatschappelijke uitdagingen en het aanjagen van technologische innovatie. "Fijn dat de nieuwe generatie meedenkt aan slimme oplossingen om de wereld beter te maken. De Aanjagers laten zien dat je impact kan maken door mee te denken in die hele keten van mensen die ook allemaal mee moeten doen” aldus Heijnen.

Bijdragen aan het maatschappelijk debat en het inspireren met wetenschap en technologie zijn de primaire beweegreden voor het veelvuldig optreden in de media van diverse UT-ers. In 2022 werd de UT bijna 2.000 keer genoemd in de media. In veel gevallen ging het om de berichtgeving over wetenschappelijke successen en inzichten zoals gepubliceerde wetenschappelijke resultaten of succesvolle aanvragen van onderzoeksfinanciering. Maarten van Aalst won de UT in de Mediaprijs. Tweede werd Azadeh Akbari. Ze komt op voor vrouwenrechten in haar thuisland Iran en kreeg een opiniestuk geplaatst in The Guardian. Marcel Boogers werd derde door zijn bijdragen rondom bestuurlijke zaken. Het borstkankeronderzoek met behulp van fotoakoestiek leverde Rianne Bulthuis de UT PhD mediaprijs op. Het team Electric Superbike Twente won de prijs voor de meeste media-impact in de studentencategorie Winnaars UT in de Mediaprijs 2022.

Internationaliseren

In 2022 begon een stevige maatschappelijke en politieke discussie over hoe we in het hoger onderwijs duurzaam en beheersbaar kunnen internationaliseren. Een dilemma waaraan we in het vorige jaarverslag al aandacht besteedden (zie p. 54 van UT Jaarverslag 2021). Ondanks de erkende meerwaarde van het aantrekken en behouden van internationale studenten in Nederland, heeft de groei in sommige steden en hogere onderwijsinstellingen tot grote capaciteitsuitdagingen geleid. Hun vraag voor instrumenten om de instroom te sturen en vooral te beperken heeft geleid tot stevige discussies die het hele hoger onderwijsveld raken. De UT spant zich in met haar regionale partners, maar ook met gelijkgestemde partners elders in het land, om duidelijk te maken dat de lokale contexten zodanig verschillen dat een divers instrumentarium wenselijk is en dat het niet iedereen gebaat is bij een one-size-fits-all aanpak.

Dat het maatschappelijk debat ook van buiten naar binnen gaat, is duidelijk nadat in april 2022 Nieuwsuur in een uitzending aandacht besteedde aan de – vaak gebrekkige – registratie van nevenwerkzaamheden op de Nederlandse universiteiten. Transparantie hierover en over externe financiering van leerstoelen en hoogleraren is belangrijk om ongewenste beïnvloeding te voorkomen. Hoewel de UT de registraties beter op orde heeft dan andere universiteiten, vormde de uitzending niettemin aanleiding voor meer aandacht voor het onderwerp. De UT heeft zorggedragen voor de door de minister van OCW gevraagde publicatie op de website van extern gefinancierde hoogleraren. In 2023 start het nader in kaart brengen van hoogleraren en leerstoelen die extern worden gefinancierd.